Interview met huurder en artiest Jasper van Kuijk

Square

Hoe lang ben je al bezig als cabaretier?

Zo’n vijftien jaar, maar in verschillende vormen. Ik volgde tijdens mijn studie bij de Delftse Komedie (een soort VAK, gaf cursussen in het cultureel centrum van de TU Delft, aan Delftse studenten, TU medwerkers en ‘burgers’). Uit die cursus kwam de 11-mans cabaretformatie Delfts Blok voort, waarmee we het Groninger Studenten Cabaretfestival wonnen in 2001. Daarna hebben we twee avondvullende voorstellingen gemaakt en drie jaar getoerd. Op een gegeven moment stopte het, ook doordat iedereen afstudeerde en het steeds moeilijker te combineren werd met werk en thuisfront.

Toen heb ik een jaartje niks gedaan, maar daarna begon het toch weer te kriebelen. Ik schreef me in voor de Open Bak in Amsterdam, nam een vriend van Delfts Blok mee, speelde en vroeg wat hij ervan vond: “Nou, dat was niet verschrikkelijk,” was zijn oordeel. Voor mij goed genoeg om door te gaan. Na een aantal jaren open podia, kleine festivals en gewoon heel, heel veel spelen, won ik uiteindelijk in 2010 de jury- en publieksprijs op het cabaretfestival Cameretten. Voor mij extra leuk omdat het festival een Delftse oorsprong heeft, het startte ooit als een lustrumactiviteit van De Koornbeurs.

Sinds mijn winst bij Cameretten speel ik mijn avondvullende cabaretprogamma’s door theaters in heel Nederland. Janus wordt mijn vierde programma.

Doe je nog meer?

Ja, ik werk nog altijd twee dagen per week bij de faculteit Industrieel Ontwerpen van de TU Delft, als onderzoeker en ontwerper. En ik schrijf een wekelijkse column voor de Volkskrant. Die heet ‘Hoe moeilijk kan het zijn?’ en daarin fileer ik denkfouten in producten en diensten. Daar komen mooi mijn cabaret- en TU-werk bij elkaar: op een lichtvoetige manier over ontwerpen schrijven. Afgelopen jaar zijn die columns ook gebundeld als boek uitgebracht en heb ik ook meegeschreven aan Koefnoen, maar dit soort schrijfwerk is in de aanloop naar het nieuwe programma even op een laag pitje.

Hoe en waar krijg je inspiratie van?

Dat kan werkelijk van alles zijn. Van een krantenartikel tot een opmerking van een vriend, van een film of documentaire tot iets wat ik zie gebeuren op straat. Soms zijn het grote maatschappelijke dingen die me raken, dan weer is het juist iets heel kleins, twee mensen die op een terras zitten.

Hoe ga je te werk?

Mijn voorstellingen hebben een bepaald thema of onderwerp. Eerder was dat bijvoorbeeld de invloed van televisie op je wereldbeeld (’t Kan Nie Op), marktwerking en de financiële crisis (Schoon Schip) en of meer kennis altijd beter is (Onder de Streep). Dat is wat ik als eerste bedenk: waar gáát de voorstelling over. Waar ga ik mijn tanden inzetten, wat boeit me, irriteert, wil ik me in verdiepen. En dan moet daar een titel en een poster bij, maar daarna begint het echte werk. Bedenken wat de onderwerpen zijn, die uitwerken tot korte stukjes en dat uitproberen op open podia, zoals de Open Bak (nog altijd), om het fijn te slijpen. En sparren met mijn regisseur, Pim van Alten, om te kijken waar ik sta, mijn ideeën te toetsen.

Om te schrijven en te repeteren zit ik regelmatig in het Rietveld Theater, in de repetitiestudio. Dat geeft focus en ik kan er gelijk spelen wat ik bedenk om te kijken hoe het voelt, dat is iets lastiger als je in de Coffee Company gaat zitten. Vlak voor ik ga try-outen ga ik dan met mijn regisseur een aantal dagen in de theaterzaal zitten, om helemaal door te lopen wat ik dan heb. En vanaf dan is het gewoon try-outen: spelen, aanpassen, schrijven, spelen.

Wanneer/hoe beslis je of je ergens een voorstelling van gaat maken?

Wanneer. Dat kan ver vooruit zijn. Het thema voor Janus: de tweedeling in de maatschappij, in meningen en zelfs in feiten, met dat idee speelde ik al rond de premiere van mijn vorige voorstelling. Zo gaat het vaak, een idee ligt lang in de week. Of meerdere ideeën en op een gegeven moment moet ik een titel en tekstje voor mijn nieuwe programma doorgeven aan mijn impresariaat en dan moet het definitief zijn. Maar vaak weet ik het dan al. De keuze zelf is redelijk intuïtief, op een gegeven moment tekent het zich af. Het is niet zo dat ik allerlei opties naast elkaar leg en dan in Excel de voors- en tegens naast elkaar zet.

Wat vind je fijn aan een speelplek?

Het allerbelangrijkste vind ik de publiekskant. Dat er een warme zaal is, waar je als artiest contact hebt met het publiek en een foyer waar je als bezoeker echt zin van krijgt in de voorstelling. Er zijn helaas ook zalen die hoe vol ze ook zijn koud en leeg aanvoelen en datzelfde geldt voor foyers. Als die publiekskant in orde is, dan mag je mij in een betonnen hokje met een plank op twee schragen zetten, dan vind ik dat prima. En de mensen van het theater zelf, dat is ook belangrijk. Dat ze er zin in hebben, dat ze weten dat je komt, een praatje maken, maar vooral dat je het idee hebt dat ze het belangrijk vinden om er een mooie avond van te maken.

Wat is het leukste dat je hebt meegemaakt ‘on the road’?

Afgelopen seizoen toerde ik met mijn derde voorstelling en toen heb ik het een aantal keer meegemaakt dat mensen na afloop in de foyer naar me toe kwamen en me vertelden dat ze alle drie mijn voorstellingen hadden gezien. Dat vind ik het mooiste compliment dat je kunt krijgen, dat mensen een keer komen en je daarna echt gaan volgen. Dan gloei ik echt, als iemand zoiets zegt.

Wat vind je van het Rietveld Theater?

Dat voelt als een soort thuishonk. Zoals gezegd, ik repeteer er en schrijf er, ik try-out er. Ik vind het een fantastische plek. Het wordt goed gedraaid door het Theaternetwerk en heel goed dat de gemeente destijds het een kans heeft gegeven. De kleine zaal is mooi aanvullend op de grote van De Veste. Hij is knus en direct, maar toch goed uitgerust qua techniek. Dat zorgt ervoor dat je iets heel moois neer kunt zetten. En ik vind het leuk dat er van alles gebeurt in het theater, van schoolvoorstellingen tot professioneel cabaret, van studententoneel tot Delft Fringe. Eigenlijk kun je in het Rietveld de hele stad langs zien komen.

Fotograaf: Khalid Amakran

Jasper van Kuijk staat op 8 november op ons podium met de try-out van Janus. Kaarten zijn hier te bestellen.